Voor u gelezen

Op deze pagina vindt u samenvattingen van interessante publicaties. Voor zover mogelijk zullen we de bron zo uitgebreid mogelijk vermelden. Mocht u interesse hebben in de complete publicatie, dan kunt u deze aan de hand van de bronvermelding opvragen bij de betreffende auteur/redactie.

08-05-2012 | Prevalentie ondervoeding bij thuiswonende ouderen

De Stuurgroep Ondervoeding en de Vrije Universiteit Amsterdam hebben een onderzoek uitgevoerd naar de Prevalentie van ondervoeding bij thuiswonende ouderen.  De prevalentie van ondervoeding bij thuiswonende ouderen is aanzienlijk, met name in de thuiszorg. De prevalentie is gemeten in drie thuiswonende populaties. De factsheet geeft een overzicht van de omvang van het probleem. Het artikel dat erbij hoort staat binnenkort op de website van de Stuurgroep Ondervoeding.

 

Bron: Stuurgroep ondervoeding

03-04-2012 | Medisch voedingsmiddel tegen dementie

Uit onderzoek blijkt dat specifieke nutriënten bij licht dementerende patiënten zorgen voor een duidelijke verbetering van het geheugen. Het gaat om medische voeding en is ontwikkeld in samenwerking met Nutricia. Philip Scheltens, neuroloog en directeur van het Alzheimer centrum VUmc heeft dit bij 500 dementerenden onderzocht. De onderzoeksresultaten laten zien dat dementie in het beginstadium aangepakt kan worden. Nutricia brengt het product mogelijk dit jaar nog op de markt. De nutriëntenmix bevat onder andere omega-3, -6 en -9 vetzuren, foliumzuur en verschillende vitaminen. Volgens de neuroloog blijkt uit een studie in de Verenigde Staten dat de mix van nutriënten bij patiënten met vergevorderde dementie geen effect heeft.

 

Bron: P. Scheltens | Efficacy of a medical food in mild Alzheimer’s disease: a randomized, controlled trial

13-03-2012 | Growth Analyser SMART

Op 8 februari 2012 heeft de werkgroep Kinderen van de landelijke Stuurgroep Ondervoeding in samenwerking met de Stichting Kind en Groei de Growth Analyser SMART (GO-SMART) gelanceerd. De GO-SMART is een applicatie waarbij de huidige voedingstoestand van kinderen kan worden vastgesteld. Het instrument kijkt zowel naar ondervoeding als naar overvoeding. Tevens bepaalt GO-SMART het risico op ondervoeding in het ziekenhuis. Het vaststellen van de voedingstoestand met de GO-SMART vindt plaats op basis van lengte en gewicht. Er wordt vervolgens gebruik gemaakt van groeicurven. Het risico op ondervoeding in het ziekenhuis wordt bepaald met behulp van het invullen van vier vragen van een risico-instrument. De GO-SMART kan geïntegreerd worden in bestaande elektronische patiëntendossiers van de ziekenhuizen.

Meer informatie over de GO-SMART en presentaties van de workshop GO-SMART vindt u op de website van de Stuurgroep Ondervoeding.

 

Bron: Stuurgroep ondervoeding | 08-02-2012

13-03-2012 | Nieuwe toedieningssystemen

Dit jaar zullen fabrikanten een nieuw toedieningssysteem voor enterale voeding introduceren. Doel van dit nieuwe systeem is het voorkomen van misconnecties met Luer(Lock) aansluitingen van intraveneuze toedieningssystemen. Dit nieuwe systeem heet ENLock.

Kenmerken:
- Enterale toedieningssets met een onverwijderbare ENLock connector;
- ENlock medicatiepoort, niet geschikt voor Luer-aansluitingen;
- Voedingssondes met ENLock trechter;
- ENLock spuiten.

Dit systeem wordt naar verwachting in het vierde kwartaal geïntroduceerd.

 

De eerste fabrikant introduceert de eerste stap in het eerste kwartaal van dit jaar, door de adapter van het toedieningssysteem te vervangen door de nieuwe. Dit heeft geen gevolgen voor het huidige gebruik ervan. De adapter kan nog gewoon verwijderd worden om een aansluiting te maken
met een Luer (Lock) systeem.

 

 

Bron: Sorgente

14-02-2012 | Wijziging basispakket leidt tot halvering aantal dieetconsulten

Ernstig zieke patiënten met voedingsproblemen en mensen met overgewicht zien in groten getale af van afspraken met diëtisten nu ze er zelf voor moeten betalen. Het aantal consulten is sinds begin dit jaar ruim gehalveerd doordat dieetadvies uit het basispakket van de ziektekostenverzekering is geschrapt. Dit is een van de eerste tastbare gevolgen van de beperking van het basispakket. Uit een rondgang van de Nederlandse Vereniging van Diëtisten (NVD) blijkt dat de vierduizend diëtisten in Nederland tot 60 procent minder afspraken in de agenda hebben vergeleken met een jaar geleden. De terugloop leidde vorige week tot het faillissement van LIV, een van de grootste diëtistenorganisaties, waarbij 125 ontslagen vielen. Diëtheek, een diëtistennetwerk met zo'n 65 personeelsleden, komt naar eigen zeggen het eerste kwartaal nog rond, maar vreest voor de toekomst.

Ondervoeding
Patiënten met luchtweg- of slikproblemen, allergieën, diabetes of hart- en vaatziekten zijn aangewezen op diëtisten. Zij krijgen nog 4 uur advies vergoed. Een andere getroffen groep is die waarvoor ondervoeding dreigt, zoals kankerpatiënten en ouderen. Ondervoeding leidt tot frequenter bezoek aan de huisarts, meer medicijngebruik en verhoogde kans op opname in een ziekenhuis, verzorgings- of verpleeghuis.

Minister Schippers van Volksgezondheid hoopte dat de zorgverzekeraars de vergoeding zouden opnemen in aanvullende verzekeringen. Dat is vrijwel niet gebeurd.

Meer beweging
NVD-voorzitter Anja Evers begrijpt de overwegingen van de minister niet. 'Ze stimuleert projecten die de jeugd tot meer beweging moet aanzetten. Maar als kinderen slecht blijven eten, heeft beweging geen effect. Ons werk beperkt zich niet tot hulp aan wie een paar kilo te veel weegt. Een verwijzing door de huisarts heeft doorgaans een medische reden. De minister ziet dat over het hoofd.' 

Op den duur kosten de bezuinigingen op diëtisten alleen maar geld, denkt Evers. Veel patiënten zullen eerst worden doorverwezen naar een specialist, die op zijn beurt een diëtist inschakelt. 'Daarmee doet de minister haar eigen bezuiniging teniet.'

De voedingshoogleraren Jaap van Binsbergen en Jaap Seidell vrezen  dat door de sluiting van de praktijken veel minder mensen diëtetiek gaan studeren, juist nu ze zo hard nodig zijn. Volgens hen doet Schippers ten onrechte denigrerend over de beroepsgroep. 'Ze zegt dat je geen diëtist nodig hebt om gezonder te leven. Maar ze heeft niet in de gaten dat de sociale ongelijkheid door deze maatregel groter zal worden.'

Medische functie
Minister Schippers laat via haar woordvoerder weten dat diëtisten een belangrijke medische functie hebben. 'Maar juist om dure medische ingrepen te kunnen blijven vergoeden, is de afweging geweest of mensen dieetadvisering voor eigen risico en rekening kunnen dragen. Zo geldt voor de bestrijding van kanker dat we maandelijks vele en dure nieuwe medicijnen en behandelingen tot het pakket toelaten.'

 

Bron: Volkskrant

13-02-2012 | Risico op ondervoeding sneller te bepalen

De werkgroep Kinderen van de landelijke Stuurgroep Ondervoeding lanceert in samenwerking met de Stichting Kind en Groei de Growth Analyser SMART (GO-SMART) tijdens een landelijke workshop voor de Nederlandse ziekenhuizen.  GO-SMART staat voor Growth Analyser Screening of Malnutrition And Risk Tool. De Growth Analyser SMART is een nieuw ontwikkelde web-based applicatie waarbij de huidige voedingstoestand van kinderen kan worden vastgesteld. Het instrument kijkt zowel naar ondervoeding als naar overvoeding. Tevens bepaalt GO-SMART het risico op ondervoeding in het ziekenhuis. Met de ontwikkeling van dit instrument wordt voorzien in een al jaren bestaande behoefte van de ziekenhuizen om op een eenvoudige en snelle manier de voedingstoestand te registreren.

Het vaststellen van de huidige voedingstoestand met de GO-SMART gebeurt door registratie van lengte en gewicht. Er wordt vervolgens gebruik gemaakt van interactieve groeicurven voor jongens en meisjes voor lengte naar leeftijd, gewicht naar lengte, en BMI naar leeftijd. Aparte groeireferenties zijn opgenomen voor kinderen met Nederlandse, Turkse, en Marokkaanse ouders en voor kinderen met een andere etnische achtergrond.  Het risico op ondervoeding in het ziekenhuis wordt bepaald met behulp van het invullen van vier vragen van een risico-instrument. Daarnaast biedt de GO-SMART de mogelijkheid om de inname van energie en eiwit van het kind te registreren en een berekening ten opzichte van de norm te laten zien. Aan de GO-SMART is een Excel programma gekoppeld om een cumulatieve rapportage mogelijk te maken.

De GO-SMART kan geïntegreerd worden in bestaande elektronische patiëntendossiers van de ziekenhuizen. De GO-SMART is voor internationaal gebruik ontwikkeld.

 

Bron: Erasmusmc

31-01-2012 | Stichting Eerstelijns Ondervoedings Instituut lanceert ‘Landelijk meldpunt (dreigend) ondervoed & geen diëtist’

Stichting Eerstelijns Ondervoedings Instituut is het portaal voor ondervoeding in de eerstelijnszorg. Stichting EOI wil kennis en kunde delen met professionals op het gebied van ondervoeding met als doel een optimale behandeling bij (dreigende) ondervoeding in de eerstelijnszorg. Hiertoe stimuleert en initieert zij onderzoek en fungeert zij als opleidingsinstituut op het gebied van ondervoeding. Stichting EOI wil een multidisciplinaire samenwerking stimuleren en initiëren, met de diëtist als regisseur.

 

Cliënten, zorgverleners of mantelzorgers kunnen bij het meldpunt terecht om melding te maken van (dreigend) ondervoede cliënten in de eerstelijnszorg. Hierbij is de interventie van de diëtist noodzakelijk, maar vanwege de kosten kan deze niet ingezet worden. Cliënten die (dreigend) ondervoed zijn krijgen hierdoor mogelijk geen optimale behandeling. Het landelijk meldpunt is te vinden op www.eoi.nl.

De uitkomsten van het meldpunt worden door de Stichting EOI teruggekoppeld aan de overheid, professionals en andere belanghebbenden om hen te informeren over bestaande knelpunten ten aanzien van adequate zorg voor cliënten. Door het inzichtelijk maken van deze informatie streeft de Stichting EOI naar oplossingen voor de cliënt.

 

Bron: www.eoi.nl

11-01-2012 | Nieuw voedingsconcept verbetert gezondheid kankerpatiënten

Voedingsondersteuning is belangrijk voor kankerpatiënten en om die reden ontwikkelde Joyce Faber een specifiek voedingsconcept. Dit concept bevat hoge concentraties eiwit en leucine en is bovendien verrijkt met visolie (EPA en DHA) en specifieke prebiotische oligosacchariden. Het concept is ontwikkeld met als doel een betere voedingsondersteuning voor kankerpatiënten te bereiken om ondervoeding te voorkomen. Zo neemt gewicht bij de patiënten toe en verbeteren de immuunreacties.

 

In preklinische studies van Faber heeft het concept immuunreacties kunnen verbeteren en de ontstekingsstaat verlaagd in tumor dragende muizen. Bovendien verbeterde de weerstand tegen infecties met Pseudomonas aeruginosa (ziekenhuisbacterie).

 

Bron: Joyce Faber | Universiteit Utrecht | Immunological perspectives on nutritional support during cancer

29-11-2011 | Effectiviteit aanpak ondervoeding bij ouderen onduidelijk

Ondervoeding bij ouderen wordt gezien als een belangrijk gezondheidsprobleem. Ziekenhuizen en zorginstellingen zijn daarom alert op tekorten aan eiwit en energie bij ouderen en geven indien nodig bijvoeding (extra eiwit en energie). Maar hoe groot dit probleem precies is en wanneer bijvoeding helpt, is onduidelijk. Er is meer onderzoek nodig om de aanpak van ondervoeding te onderbouwen.

 

Een langdurig tekort aan eiwit en energie is schadelijk voor de gezondheid, daarover bestaat geen twijfel. Onduidelijk is echter waar precies de grens ligt: wanneer is er sprake van ondervoeding? Er is geen eenduidige definitie van ondervoeding en een gouden standaard (een betrouwbare methode) om ondervoeding vast te stellen ontbreekt. Er is onderzoek wat laat zien dat er een verband is tussen ondervoeding en bijvoorbeeld sterfterisico, maar het is onbekend of dat verband oorzakelijk is. Ook over de effectiviteit van voedingsinterventies is nog veel onduidelijk. Er is veel onderzoek gedaan op dit gebied, maar de kwaliteit daarvan is onder de maat. Dus of bijvoeding leidt tot gezondheidswinst is niet te zeggen. De huidige aanpak van ondervoeding bij ouderen is gebaseerd op het idee dat het altijd zinvol is ondervoeding te behandelen. Het is echter maar de vraag of dat klopt. Omdat een betrouwbare meetmethode ontbreekt, is de als ondervoed aangemerkt groep ouderen mogelijk te groot.

 

Volgens de Gezondheidsraad is aandacht voor een goede voedingsstatus van ouderen waardevol en moet deze niet verloren gaan. Ondervoeding is een belangrijk probleem. Wel is gedegen wetenschappelijk onderzoek nodig om inzicht te krijgen in de omvang en meest effectieve aanpak van ondervoeding. Volgens de gezondheidsraad is samenwerking tussen instellingen nodig om op dit terrein hoogwaardig onderzoek van voldoende omvang en duur uit te kunnen voeren.

 

Bron: Gezondheidsraad

25-10-2011 | Epidemiologie van ziektegerelateerde ondervoeding en de impact op postoperatieve ongunstige uitkomst bij hartchirurgie

In de studie beschreven in dit proefschrift worden de mogelijkheden onderzocht ter verbetering van de herkenning van ondervoeding en daarmee de behandeling van ondervoeding, binnen de hartchirurgische populatie. Uit het onderzoek is gebleken dat ondervoeding bij ziekte relatie vaak voorkomt bij hartchirurgische patiënten en geassocieerd is met het vaker voorkomen van complicaties tijdens herstel. Om de ondervoede, hartchirurgische patiënt zo goed mogelijk te herkennen en te behandelen moet twee tot zes weken preoperatief de VVMI (vet vrije massa index)gemeten worden, naast alleen onbedoeld gewichtsverlies en de BMI. Vervolgens, wanneer de patiënt als ondervoed gescreend wordt, vindt aanvullend diagnostisch onderzoek door een specialist plaats. Het meten van de lichaamssamenstelling is een vast onderdeel  van dit diagnostisch onderzoek. Lichaamssamenstelling (VVM) wordt gemeten met de BIS. en om de accuraatheid te vergroten wordt de VVM ook gemeten door de DXA (DXA, dual-energy X-ray absorptiometry) maar minder frequent. Gebaseerd op het diagnostische onderzoek wordt een dieetbehandeling op maat voorgeschreven en het effect geëvalueerd.

 

Bron: Lenny van Venrooij | Academische proefschrift | Universiteit Amsterdam

20-10-2011 | Midden-bovenarmomtrek, kuitomtrek, de BMI en mortaliteit bij ouderen

Het doel van de studie is het onderzoeken van het verband tussen eenvoudige antropometrische metingen. Deze metingen zijn: MUAC (midden-bovenarmomtrek), kuitomtrek, de BMI en mortaliteit. Uit het onderzoek, uitgevoerd door het EMGO Instituut van de Vrije Universiteit van Amsterdam, bleek dat MUAC de beste voorspelling op sterfte weergeeft en bovendien is de bovenarmomtrek gemakkelijk te bepalen bij ouderen en daarom beter toepasbaar in de praktijk.

 

Het is een populatie-gebaseerde steekproef van zelfstandig wonende oudere mannen en vrouwen. Door het bestuderen van de bevindingen, kan er een uitspraak worden gedaan, of de BMI kan worden vervangen door MUAC of kuitomtrek om ondergewicht bij oudere personen te beoordelen. Voordelen van MUAC zijn onder andere dat het in vergelijking met de BMI gemakkelijker is en er alleen een meetlint of meetinstrument nodig is. Daarnaast hoeft er geen rekening gehouden worden met het meten van de lengte, wat bij immobiele ouderen erg lastig kan zijn.
Conclusie: MUAC is een gebruiksvriendelijke, resultaatgerichte en valide meetmethode voor het meten van ondergewicht bij oudere mannen en vrouwen.

 

Bron: Hanneke A. H. Wijnhoven at al. | Journal of Gerontology: MEDICAL SCIENCES

30-09-2011 | Visolie en chemotherapie? Advies van de Landelijke Werkgroep Diëtisten Oncologie

Recent gepubliceerde onderzoeksresultaten over negatieve effecten van visolie op de effectiviteit van chemotherapie bij kankerpatiënten zijn in veel media verschenen. Dat heeft bij patiënten en hulpverleners veel vragen opgeroepen. Onderzoekers van het UMC Utrecht hebben ontdekt dat stamcellen in het bloed een uniek type vetzuren produceren die kankercellen ongevoelig maken voor chemotherapie.

 

LWDO advies ten aanzien van het gebruik van visolie en chemotherapie:

- De LWDO onderschrijft het advies van de onderzoekers om in de periode van
   chemotherapie geen visoliecapsules of -drankjes te gebruiken.
- Voedingsmiddelen die visvetzuren bevatten, zoals vette vis kunnen normaal worden
   gebruikt. Dat geldt ook voor producten die worden verrijkt met omega-3-vetzuren zoals
   bepaalde soorten margarine, bak- en braadproducten en mayonaise.
- Wanneer ter bestrijding van ondervoeding een drinkvoeding wordt voorgeschreven
   adviseert de LWDO gedurende chemotherapie een drinkvoeding zonder toevoeging van
   visvetzuren.

 

Dit advies sluit aan op het eerdere LWDO advies ten aanzien van vitamine- en mineralen-supplement-gebruik (2010): "Bij kankerbehandeling niets slikken tenzij in overleg met arts of diëtist".

Het advies is onder andere gebaseerd op het onderzoek; Mesenchymal Stem Cells Induce Resistance to Chemotherapy through the Release of Platinum-Induced Fatty Acids, van Jeanine M.L. Roodhart et al. gepubliceerd op 12 September 2011.

 

Bron: LWDO

20-09-2011 | Hypoallergene melkpoeders: vragen over effect om allergie te voorkomen

Volgens een studie in het Journal of Allergy and Clinical Immunology is hypoallergene poedermelk voor baby's met een verhoogd risico op allergieën nutteloos. Baby's die gevoed worden met dit type van melkpoeder ontwikkelen niet minder allergieën dan kinderen die gewone melkpoeder op basis van koemelk of soja krijgen.

In totaal werden 620 zuigelingen getest. De eerste groep kreeg gewone melkpoeder op basis van koemelk, de tweede gedeeltelijk gehydrolyseerde melkpoeder en de laatste melkpoeder op basis van soja. De onderzoekers gingen na of de baby's allergische reacties (eczeem of reacties op de voeding) hadden of positief reageerden op priktests. Er was geen enkel verschil tussen de drie groepen baby's, op hun tweede tot zevende jaar. Hypoallergene melk werkt dus niet - en ook sojamelk voorkomt geen allergieën.

 

Bron: Adrian J. Lowe et al. | The Journal of Allergy and Clinical Immunology

05-09-2011 | Vroeg starten met intraveneus bijvoeden IC-patiënt vergroot risico nierfalen

Pas laat starten met voeding via een infuus als aanvulling op sondevoeding bij patiënten die op de intensive care liggen, zorgt ervoor dat ze sneller herstellen en minder complicaties oplopen. Deze patiënten hoeven minder gedialyseerd te worden dan vergelijkbare patiënten die eerder gevoed worden, en kunnen bovendien eerder naar huis. 

 

Bron: http://www.niernieuws.nl/?artid=4613