De kou of warmte buiten kan inderdaad invloed hebben op de sondevoeding en de voedingspomp.
Hieronder leest u onze winter- en zomertips.
Wintertips
- Sondevoeding mag niet bevriezen en moet u daarom in een vorstvrije ruimte bewaren.
- Is de ruimte waar de sondevoeding wordt bewaard vorstvrij, maar koud? Het is verstandig om de sondevoeding eerst op kamertemperatuur te laten komen, voordat u het gebruikt.
- Gebruikt u de sondevoeding ’s nachts en slaapt u met het raam open? Dan is het verstandig om de sondevoeding in de rugzak te houden, zodat de sondevoeding zijn warmte niet verliest.
- U mag te koude sondevoeding au bain-marie of in de magnetron opwarmen (niet koken). De benodigde portie kunt u uit het pak of de fles in een maatbeker schenken. De sondevoeding kunt u per portie opwarmen. Het komt de voeding niet ten goede om dit steeds op te warmen en daarna weer in de koelkast te bewaren.
- Is het erg koud en neemt u de sondevoeding mee naar buiten? Om de sondevoeding op temperatuur te houden, kunt u hieromheen een handdoek wikkelen en in de rugzak vervoeren.
- Alle sondevoedingspompen kunt u in de winter mee naar buiten nemen. Soms kunnen de pompen (tijdelijk) alarmeren als de plotselinge overgang van warmte naar kou groot is. Als de overgang erg groot is, omdat het bijvoorbeeld vriest buiten, adviseren we om een handdoek in de rugzak om de pomp heen te wikkelen, zodat de pomp niet te snel zijn warmte verliest.
- Bedek / bescherm buiten ook het toedieningssysteem, zodat de sondevoeding niet alsnog te koud kan worden.
- Zorg ervoor dat de voedingspomp goed is opgeladen. Bij kou neemt het accuvermogen af en is het mogelijk dat u de accu eerder dient op te laden dan u bent gewend.
Zomertips
- Sondevoeding kunt u het best bewaren op een koele plek, bijvoorbeeld in een kelderkast. Probeer de voorraad klein te houden.
- Voorkom dat sondevoeding en pomp erg snel warm worden door deze uit de zon te houden. Houd de voeding en pomp in de rugtas. Gaat u naar buiten bij extreme warmte? Doe dan eventueel een koelelement in de rugtas. Bij het aanhangen aan een infuuspaal kunt u de voeding eventueel inpakken met een flexibele cold-pack. Zorg ervoor dat het koelelement of de cold-pack niet direct in aanraking komt met de voeding of pomp door deze in een washandje of handdoek te wikkelen
- Het is bij warm weer nog belangrijker om de sonde met water door te spuiten. Doe dit minimaal vier keer per dag. Gaat het moeizamer? Spoel de sonde dan vijf tot zes keer per dag door.
- Bij warm tot zeer warm weer is het nog belangrijker dat u spuitjes, afsluitdopjes en systemen na gebruik in een afgesloten bakje in de koelkast bewaard.
- Wees onder warme omstandigheden extra hygiënisch en verwissel de gaasjes bij een PEG-sonde of jejunostomiecatheter zo nodig een extra keer.